Ogentest
Ogentest bij kinderen van 3 jaar
Een ogentest bij kinderen die jonger zijn dan 3,5 jaar doen we alleen als het nodig is. Bijvoorbeeld als er in de familie een lui oog voorkomt.
We gebruiken een test met plaatjes: de LEA-test. Je kind krijgt een speciale bril op. Er wordt een plaatje aangewezen. Je kind zegt welk plaatje dat is of wijst het aan op een aanwijsplaat. Daarbij maakt het niet uit welke naam je kind aan het plaatje geeft. 'Rondje', 'ring', of een ander woord, het is allemaal goed.
Ogentest bij kinderen vanaf 3,5 jaar
Als je kind ongeveer 4 jaar is doen we een ogentest. Bij het eerste consult op de basisschool wordt deze test nogmaals herhaald. Voor deze ogentest gebruiken we de E-hakenkaart.
- Aan de muur hangt een kaart met E's van groot naar klein.
- Je kind mag bij jou op schoot zitten of zelf staan.
- Je kind krijgt een bril op om één oog af te dekken.
- Je kind krijgt een E in handen.
- De jeugdarts of jeugdverpleegkundige wijst een E aan op de kaart.
- Je kind houdt de E in de handen op dezelfde manier als op het plaatje.
- Of wijst met een vinger in de richting aan waar de E-haak open is. Daarna is het andere oog aan de beurt.

Uitgebreide ogentest
Kan je kind niet goed zien? Dan kan een uitgebreide ogentest nodig zijn. In dat geval wordt je kind verwezen naar de oogarts of orthoptist.
Waarom de ogentest?
Door oogafwijkingen op jonge leeftijd te ontdekken en te behandelen, kun je erger voorkomen op latere leeftijd.